Zon - De centrale ster in ons zonnestelsel


Equatoriale straal 696000 km
Massa (Aarde=1) 332946.045
Gemiddelde dichtheid 1408 kg/m³
Lichtkracht 3.826 x 1026 W
Ontsnappingsnelheid aan het oppervlak 617.54 km/s
Siderische rotatieduur 25.38 dagen
Helling van equator op ecliptica 7º 15'.2
Zon


De Zon speelde uiteraard een belangrijke rol in de verschillende mythologieën. Bij de Grieken heette de zonnegod Helios en bij de Romeinen Sol. In de Noorse mythologie was de Zon een godin Sol geheten. Iedere dag reed de zonnegod of godin in zijn/haar strijdwagen langs de hemel. Ook bij de Inca's nam de Zon een belangrijke plaats in. De Inca zonnegod Inti was de vader van de eerste Inca (heerser over Inca rijk) Manco Capac I. De Inca was de vertegenwoordiger van Inti op Aarde. Inti was getrouwd met zijn zus Mama Quilla (Moeder Maan).
De Zon is het grootste object in ons zonnestelsel. Een gewone ster van het type G2 zoals er miljarden meer zijn in ons Melkwegstelsel.
Ze bevat 99,8% van alle massa van het zonnestelsel. Ze bestaat voor 92,1% uit waterstof en 7,8% uit helium. De overige 0,1% zijn metalen (toch nog altijd meer dan 300 keer de massa van de Aarde!).
Opengewerkte zon De samenstelling verandert langzaam doordat in de kern waterstof door kernfusie wordt omgezet in helium en gammastraling. Deze straling doet er zo'n 10000 jaar over om van de kern naar het oppervlak te komen doordat ze steeds weer wordt geabsorbeerd en uitgestraald. Als het oppervlak bereikt wordt dan is de energie zover afgenomen dat wij het als zichtbaar licht zien. Om van het oppervlak van de Zon tot de Aarde te komen, heeft het licht ook nog eens 8 minuten nodig.
In de kern heersen extreme omstandigheden. Bij een temperatuur van 15 miljoen graden Celsius en een druk van 250 miljard atmosfeer wordt er 700 miljoen ton waterstof per seconde omgezet in 695 miljoen ton helium. Het verschil in massa wordt uitgezonden in de vorm van energie.
Dit proces is nu zo'n 4,5 miljard jaar bezig en zal nog een 5 miljard jaar doorgaan.

Het oppervlak van de Zon wordt ook wel de fotosfeer genoemd. De temperatuur is daar zo'n 6000ºC. Regelmatig zijn er op dit oppervlak zogenaamde zonnevlekken te zien. Ze zien er donker uit omdat het relatief koele gebieden zijn met een temperatuur van slechts 4000ºC.


Zonnevlekken: foto genomen met Hα filter in Freiburg op 29 april 2001, 11:01UT De Zon doorloopt een 11-jarige cyclus waarin de activiteit en het aantal zonnevlekken langzaam toeneemt tot het een maximum bereikt aan het eind van die 11 jaar. Nu in 2001 zit de Zon ook in haar maximum van de huidige cyclus. Dit veroorzaakt extra activiteit op Aarde in de vorm van het noorderlicht.
Vooral tijdens haar maximum komen er regelmatig enorme zonnevlammen (zie foto bovenaan de pagina) voor die massa de ruimte in sturen. Als dat in de richting van de Aarde is dan kunnen er enkele dagen later zich storingen voordoen in radiofrequentie, elektriciteitscentrales kunnen platgelegd worden en het noorderlicht kan veel zuiderlijker gezien worden. Daarom wordt de Zon nauwkeurig in de gaten gehouden om dit soort dingen aan te zien komen.
De corona is zichtbaar tijdens een totale eclips Net boven de fotosfeer ligt de chromosfeer met daarboven de corona. De corona is ijl gas dat miljoenen kilometers in de ruimte kan komen. Het wordt zichtbaar bij een totale zonsverduistering. De temperatuur van dit gas is ongeveer 1 miljoen ºC.

De Zon heeft een sterk magnetisch veld. Haar invloed strekt zich uit tot ver buiten de baan van Pluto.

Naast de straling die de Zon uitzendt, worden er ook continu geladen deeltjes de ruimte ingeblazen, de zogenaamde zonnewind. Dit zijn vrije elektronen en protonen. Deze zonnewind zorgt mede voor de fraaie staart van een komeet.




Versie 1.0.0 - © 2001 Peter van der Wijst.